home wereldoriëntatie > aardrijkskunde > landschappen
home > wereldoriëntatie > natuur > biotopen


Een sloot is vaak spannender dan televisie!

Een sloot vol gele plomp (foto: Frode Nagel).

sloot vol gele plomp
(foto: Frode Nagel)


In de middeleeuwen werd in Holland een heel netwerk van sloten gegraven. Zo werden de uitgestrekte veenmoerassen ontwaterd en bruikbaar gemaakt voor de landbouw. Een sloot kan dus wel meer dan duizend jaar oud zijn! In de sloot groeien de waterplanten. Zij produceren zuurstof. Zonder zuurstof kunnen dieren niet leven. Vissen halen met hun kieuwen de zuurstof uit het water. Andere dieren, zoals de salamander en de waterspin, moeten af en toe naar de oppervlakte om lucht te halen, anders zouden ze stikken.

Sloten kunnen helemaal dichtgroeien. De boeren zijn daarom verplicht om de poldersloten rond hun landerijen ieder jaar schoon te maken. Met hun tractor trekken ze bagger en waterplanten op de kant. Het waterschap controleert of dit goed is gebeurd. Sloten zijn namelijk belangrijk voor het waterbeheer: als het veel geregend heeft, wordt het teveel aan water via de poldersloten afgevoerd naar het gemaal. In droge tijden wordt er juist extra water de polder ingelaten.

De sloot vormt een leefgemeenschap. Een sloot is als het ware een dorp waarin allerlei dieren samenleven. Elke diersoort heeft er zijn eigen plek. Zo leeft de zwanenmossel op de bodem en de schaatsenrijder op de waterspiegel. Zoals je weet leven veel dieren ten koste van elkaar: kikkers eten insecten, reigers eten kikkers, enzovoort. Zo kun je allerlei voedselpiramides bedenken. Helemaal bovenaan staat vaak de snoek. Je zou hem de krokodil van de sloot kunnen noemen!



School-tv: een filmpje over de vlokreeft.
Surfspin: naar het keuzemenu Natuur.
Naar het HOME van de Surfspin.


Geplaatst op 21 juni 2005, het laatst gewijzigd op 26 september 2005.

© Surfspin 2005